Getuigenis
Getuigenverklaring Jan Wrzolek
Verslag over deportatie, onderbrenging en dwangarbeid in het bouwkamp II.
Onderzoeksstatus gedocumenteerd
Onderzoeksrecord
Gedocumenteerde gegevens
- Persoon
- Jan Wrzolek
- Rol
- Zwangsarbeiter
- Plaats
- Baulager II; Großeutersdorf; Kahla
- Periode
- Oktober 1944 bis 1945
- Herkomst
- Polen
Overlevering en context
De heer Jan Wrzolek rapporteert het volgende:
Mijn deportatie naar Duitsland vond plaats op 3 oktober 1944. In het doorgangskamp in Pruszkow werd ik als slaaf behandeld. Een Duitse officier keurde mij om te zien of ik sterk was en stuurde mij op transport naar Duitsland. Het transportmiddel was een goederentrein. Iedereen zat op de grond, in het vuil, zonder voedsel en water, zonder hygiënische voorzieningen. In totaal waren we met 30 personen in de wagon. Na 15 uur kwamen we aan in Wroclaw/Breslau, waar we enkele kilometers naar het doorgangskamp gingen dat naast een suikerfabriek lag. Voor de intrek in het kamp werden we nauwkeurig gecontroleerd. In dit kamp verbleef ik twee dagen. De voeding was zeer slecht. Er was nauwelijks een mogelijkheid om te slapen. Later reisden we met de goederentrein naar het doorgangskamp bij Berlijn/Erkner, na enkele dagen kwam ik in het doorgangskamp in Erfurt. Er was geen mogelijkheid om het kamp te verlaten of contact te hebben met de burgerbevolking. Vanuit het doorgangskamp in Erfurt werd ik overgebracht naar het bouwkamp II in Großeutersdorf naast Kahla. Het was toen herfst, koud en vochtig. De barak waar ik zou wonen was nog niet klaar. In de barak was het ook erg koud. In één kamer woonden 20 – 30 personen. De schoenen en kleding waren altijd erg vochtig, er was geen mogelijkheid om ze te drogen. Het toilet was relatief ver weg. Er was geen zeep of wasmiddel. Alleen koud water. Het bouwkamp II lag vijf kilometer van de werkplek verwijderd. Elke dag marcheerde ik van het kamp naar de bouwplaats bij het bedrijf Hautzel & Kobecke. (Doorgangsstation voor bouwmaterialen) Om 4.00 uur ’s ochtends werden we gewekt door de kampwachter. De wachter floot en sloeg met een stok tegen de ramen. De leider van de arbeidskolonne keek of iedereen was opgestaan. Later kregen we ontbijt, koffie en brood. Na het ontbijt marcheerden we naar de appel en naar het werk. De werktijd bedroeg aanvankelijk 10 uur, later ook 11 uur. De hele dag laadden we grind, cement enzovoort van de goederentrein in de wagentjes van de smalspoorbaan. Het enige loon dat voor ons waarde had, was de voedselkaart. Ik kreeg alleen klompen. Ik werkte in mijn kleding die al snel vuil en kapot was. De voeding was meer dan onvoldoende. De hele dag kreeg ik: 375 gram brood, 50 gram vet, 1 liter soep en een halve liter koffie. Ik had bijna altijd honger. De bewaking werd uitgevoerd door Oekraïners, tijdens het werk werden we bewaakt door leden van de NSDAP.
Bronnen en verwijzingen
- Bericht Jan Wrzolek im Quellenbestand Zwangsarbeiter